Wie een woning koopt, ontdekt al snel dat de koopsom niet het hele verhaal vertelt. Naast de aankoopprijs komen er altijd extra kosten kijken, meestal zo’n drie tot vier procent van de koopsom. Bij een woning van 450.000 euro betekent dat al snel een bedrag tussen de 13.500 en 18.000 euro. Het is daarom verstandig om vooraf precies te weten welke kosten voor jou gelden, zodat je niet voor verrassingen komt te staan en een realistisch beeld hebt van je maximale budget.
Kosten koper (k.k.) en vrij op naam (v.o.n.)
Bij bestaande woningen staat vrijwel altijd kosten koper vermeld. Dat betekent dat jij als koper verantwoordelijk bent voor de bijkomende kosten, zoals de overdrachtsbelasting, de notaris en de taxatie. Bij nieuwbouw zie je meestal vrij op naam. In dat geval zijn de belangrijkste kosten, zoals de grond, de bouwkosten en de notariskosten voor de leveringsakte, al in de prijs verwerkt. De hypotheekakte en het hypotheekadvies vallen daar meestal niet onder, waardoor ook bij nieuwbouw nog aanvullende kosten kunnen ontstaan. Een v.o.n.-prijs lijkt daardoor vaak hoger, maar kan uiteindelijk voordeliger uitpakken omdat er minder losse kostenposten bijkomen.
Overdrachtsbelasting en de startersvrijstelling
Een van de grootste kostenposten bij bestaande bouw is de overdrachtsbelasting. In de meeste gevallen betaal je twee procent over de koopsom. Voor kopers tussen de 18 en 35 jaar bestaat er echter een belangrijke vrijstelling. Wie een woning koopt onder de grens van 555.000 euro en nog nooit eerder gebruik heeft gemaakt van deze vrijstelling, betaalt eenmalig geen overdrachtsbelasting. Dat kan duizenden euro’s schelen.
Belangrijk om te weten is dat deze vrijstelling pas sinds 2021 bestaat. Iemand die bijvoorbeeld in 2019 al een woning kocht, kon toen nog geen gebruikmaken van de regeling. Als die persoon nu opnieuw een woning koopt en nog onder de 35 jaar is, kan de vrijstelling alsnog worden toegepast. Dit is een detail dat veel kopers niet kennen, maar dat financieel een groot verschil kan maken.
Notariskosten voor leveringsakte en hypotheekakte
Voor de aankoop van een woning heb je altijd een notaris nodig. De notaris stelt de leveringsakte op, regelt de eigendomsoverdracht en schrijft de woning in bij het Kadaster. Daarnaast is er een hypotheekakte nodig wanneer je een hypotheek afsluit. De kosten voor beide akten samen liggen doorgaans rond de 2.000 euro, afhankelijk van de notaris en de complexiteit van jouw situatie. Hoewel notaristarieven kunnen verschillen, merk je in de praktijk dat een lokale notaris vaak sneller schakelt, wat prettig is wanneer er tijdsdruk is bij de aankoop.
Taxatie: waarom verplicht?
Wie een hypotheek afsluit, heeft bijna altijd een taxatierapport nodig. De geldverstrekker wil weten wat de woning daadwerkelijk waard is en gebruikt dat rapport om te bepalen hoeveel je kunt lenen. Een taxatie kost meestal tussen de 700 en 900 euro. In regio’s zoals Oss en Uden is het een voordeel wanneer de taxateur de lokale markt goed kent; dat voorkomt vertraging en onzekerheid.
Andere kosten die vaak vergeten worden
Naast de bekende kostenposten zijn er kosten die kopers, vooral starters, gemakkelijk over het hoofd zien. Hypotheekadvies en bemiddeling kost doorgaans tussen de 2700 en 3.200 euro. Wie kiest voor Nationale Hypotheek Garantie betaalt eenmalig een percentage van de hypotheeksom, maar krijgt daar vaak een lagere rente voor terug. Bij oudere woningen is een bouwkundige keuring verstandig, zodat je weet welke onderhoudskosten je kunt verwachten. Zo’n keuring kost meestal tussen de 300 en 500 euro.
Waarom dit vooral voor starters belangrijk is
Starters hebben vaak recht op regelingen zoals de startersvrijstelling, een energiebespaarbudget of zelfs een starterslening. Door vooraf helder te krijgen welke kosten wel en niet voor jou gelden, kun je veel nauwkeuriger bepalen wat je maximaal kunt uitgeven aan een woning. Dat geeft rust én voorkomt teleurstellingen tijdens het zoeken.